- Gastronomie
Door Laurence Cordonnier
Wanneer u in de buurt van Tenneville gaat wandelen,
zult u misschien tot uw verrassing een sympathiek varken tegenkomen, dat met gevulde maag terugkeert na het plegen van zijn misdrijf…
Bij Biofarm worden de varkens in de weide en zonder hok gekweekt. Patrick Feller, de eigenaar van het bedrijf, heeft lang gezocht eer hij een ras vond dat lijkt op de vroegere Bastenakense varkens, zoals zijn overgrootmoeder die had kunnen bezitten. Hij heeft dus gekozen voor een met uitsterven bedreigd ras, namelijk het ‘Sattelschwein’. Het varkensavontuur begon in 2008, toen hij zijn eerste tien dieren uit het noordoosten van Duitsland naar hier bracht. In het begin hadden de buren nogal wat twijfels. Maar na enkele maanden lieten zelfs de meest terughoudenden hun kinderen profiteren van het schouwspel. De toeristen uit het noorden van het land zijn altijd verbaasd wanneer ze varkens zien die vrij in de natuur rondlopen.
De Fellers zijn sedert 1909 veetelers van vader op zoon in Tenneville. Toen Patrick op de hoeve begon te werken, kende hij een zorgeloze tijd op wat hoofdzakelijk een melkveebedrijf was. Toen verscheen op een dag Vanessa. “Ik ben zolang vrijgezel gebleven, dat ik niet wist wat dwang wilde zeggen!”, merkt de veeteler schalks op. Vanessa studeerde af als verpleegster. Vanaf het begin spaarde zij tijd noch moeite voor het werk op de boerderij. Patrick legt uit dat zij “de Manitou bestuurt, last, hout zaagt.. Groot is ze niet, maar...”. Toen er onzekerheid ontstond over de melkquota, besloten Patrick en Vanessa het voortouw te nemen en het bedrijf te diversifiëren door oude ossen, varkens en schapenrassen te gaan kweken, maar vooral door de melkproductie stop te zetten. “Men zei dat we gek moesten zijn om af te zien van een goed quotum!”
Alles voor het product
Het landbouwerskoppel wilde varkens kweken op zijn eigen manier! “Bij biologisch telen is er geen dwang, aangezien men niets toevoegt”, merkt de kweker slim op. “De drijvende kracht achter het leven op aarde is de aarde zelf en die begint men pas te kennen”. Maar als ouderwetse veeteler was Patrick niet tevreden over de manier waarop het vlees werd behandeld zodra het de hoeve verlaten had. Daarom ging hij voor slager studeren in Namen. “Je bent Ardenner of je bent het niet”, zegt hij met een brede glimlach. Patrick is nu een van de zeldzame kwekers-slagers in Wallonië. Tot groot genoegen van zijn klanten kan hij zijn producten nu bewerken van kop tot staart. Naast meer traditionele vleessoorten vindt men in de slagerij ook pasteien, pensen, worsten, geperste kop en pekelvlees.
Omdat Patrick en Vanessa voor kwaliteit kozen, willen ze hun hele productie in de hand houden. Ze laten hun dieren overigens pijnloos slachten bij PQA in Malmedy, een nieuwe coöperatieve vennootschap van veetelers. De ‘Ferme des Frênes’ heeft 30 ha veld, waarop graangewassen voor veevoeder worden geteeld en geoogst. Een rondreizende molenaar maalt het graan, dat in de vorm van meel aan de dieren wordt gevoederd. De varkens worden op de hoeve geboren en verlaten die slechts om te worden gedegusteerd door de klanten. “Elke Belg eet gemiddeld 28 kg vlees per jaar. Met onze productie voeden wij dus 450 personen. Het is een markt waarop plaats is voor iedereen.” De hele productie wordt rechtstreeks aan particulieren verkocht, behalve enkele stukken die voorbehouden zijn aan ‘La Claire Fontaine’ uit La Roche, een restaurant dat al vanaf het begin trouw bleef aan Biofarm.
Een grote vastberadenheid
Het pad van Patrick liep niet altijd over rozen, ook al praat hij daar vandaag heel luchtig over. “Aan het einde van mijn studietijd leefde ik bij mijn grootmoeder op de hoeve, die afbrandde. Ik stond in mijn ondergoed, maar had de tegenwoordigheid van geest om mijn grootmoeder en haar eigendomsbewijzen te redden.” De zwaarste tegenslag, echter, viel waarschijnlijk op 24 december 2011, op de ochtend van de opening van de aangrenzende slagerij, toen de bank hun een lening voor de aankoop van de koelkasten weigerde. De Fellers reageerden onmiddellijk. Om hun plannen uit te voeren, verkochten ze hun huis en kwamen zo aan het nodige geld om het materieel te kopen. Vandaag is de hoeve helemaal gerenoveerd en staat ze open voor het publiek. De varkens lopen op het veld. In de gebouwen huizen rustieke runderen van het Angus-ras, schapen van het oude ras dat Tussen- Samber-en-Maas heet en enkele kippen.
De kweker vertelt heel graag anekdotes over zijn vee. Van het kalf dat bij zijn geboorte verloren geraakte op een veld met hoog gras, maar dat gelukkig snel werd teruggevonden, tot het gulzige (maar sympathieke) varken, dat zich te goed deed aan de graanvoorraden en dan op zijn eentje naar de weide terugkeerde langs de straten van het dorp. Aan pittoreske verhalen is er zeker geen gebrek. De varkens spelen buiten, zelfs als het sneeuwt. Ze gebruiken ongelooflijk veel energie en eten daar dan ook naar. En Patrick barst in lachen uit bij het idee dat zijn zoon echt bakker zou worden: “dan zal hij heel goed op het graan moeten letten!”
INLICHTINGEN:
Perfect gebakken
Aan klanten die zijn uitzonderlijk vlees zouden willen bakken, adviseert Patrick Feller geen kruiden te gebruiken, maar er boter of varkensreuzel aan toe te voegen. Hij raadt ook aan de pan nooit meer dan voor 70 % te vullen, anders kleurt het vlees niet genoeg. Met dergelijke tips zou u zijn producten probleemloos moeten kunnen bereiden!