Waw magazine

Waw magazine

Menu
© iStock

E-gezondheid plaatst patiënten centraal - De gezichten van het "verbonden" Wallonië

  • Dossier
Wallonie

Door Christian Sonon et Charline Cauchie

De strijd tegen kanker, de monitoring van ondervoeding, de gerobotiseerde hulp aan lichamelijk gehandicapten, het verwerken van satellietbeelden om te helpen in de strijd tegen kinderverlamming… De Waalse knowhow op het gebied van e-gezondheid lijkt wel grenzeloos.

 

HULP UIT DE HEMEL

Met de hulp van nieuwe technologieën droeg GIM-Wallonië bij tot de uitroeiing van polio in Afrika. Een fraai voorbeeld van hoe onze knowhow ook in het buitenland bergen kan verzetten.

Speciaal aan deze in Gembloers gevestigde firma is dat ze geen grote deskundigheid heeft ontwikkeld op het gebied van gezondheid, maar op dat van het verwerken van satellietbeelden en het herkennen van voorwerpen. Wat heeft dat met e-gezondheid te maken? In 2013 en 2014 heeft de deskundigheid van die firma bijgedragen aan het uitroeien van poliomyelitis (kinderverlamming) in Nigeria, het meest bevolkte land van Afrika (186 miljoen inwoners), dat bovendien blootstaat aan een bevolkingsexplosie.

In 2011, na een geregelde vermindering van de poliogevallen dankzij de vaccinatiecampagnes die door verscheidene NGO’s werden gevoerd met de hulp van het Global Polio Eradication Initiative – dat door de lidstaten van de WGO werd opgericht in 1988 – kende de ziekte een onrustwekkende verhevigde terugkeer, die te wijten was aan een gebrek aan vaccinatie en aan de moeilijkheid om kleine woonplaatsen, gehuchten en afgezonderde hutten te vinden in sommige afgelegen streken van het land.

Met behulp van de Pleiadensatellieten

e-HealthAfrica kwam toen op het idee om geavanceerde technologieën te gebruiken om de bevolking op het terrein te lokaliseren en zo de doelmatigheid van die vaccinatiecampagnes te vergroten”, verklaart Vincent Tigny, hoofd van Business Development Earth Observation bij GIM-Wallonië. “Dankzij de financiële steun van verscheidene verenigingen, waaronder de Bill Gates Foundation, kon de NGO een internationale wedstrijd uitschrijven, die door onze firma werd gewonnen dankzij haar grondige ervaring met het gebruik van de e-Cognition-software en met het combineren van de algoritmen ervan, om satellietbeelden te analyseren en te interpreteren.

Om die opdracht tot een goed einde te brengen, deed de GIM (de firma heeft een Waalse en een Vlaamse vleugel) een beroep op een van haar partners, namelijk Airbus Defense & Space, die haar de beelden met zeer hoge resolutie bezorgde, die werden genomen door de twee Pleiadensatellieten. Die beelden vormden de basis voor een volledige cartografie van de deelstaten Kaduna en Bauchi, waar een op bijna 15 miljoen inwoners geraamde bevolking leeft (en zich verbergt).

Een technische uitdaging

Het was een dubbele technische uitdaging”, legt Vincent Tigny uit. “Niet enkel de oppervlakte van dit 100.000 km² grote territorium en de hoeveelheid te verwerken gegevens waren immens, maar ook de morfologische diversiteit van de te detecteren voorwerpen (stadszones, dorpen en gehuchten, banen en wegen, waterlopen, meren enz.) op de beelden bleek ook fenomenaal te zijn. Een hut in de savanne vinden, is bijna als het zoeken naar een speld in een hooiberg, maar dankzij de nauwkeurigheid van die beelden en onze deskundigheid, hebben we dat werk in zes maanden kunnen uitvoeren.

Dankzij die volledige cartografie en de zekerheid dat geen enkel dorp zou worden vergeten, konden de teams van eHA, UNICEF en de WGO met een gerust hart en met vaccins naar de bewoners gaan. Resultaat: men raamt vandaag dat 98 % van de kinderen in het land gevaccineerd zijn. Dankzij spitstechnologie!


ONCODNA, HET FACEBOOK VAN DE ONCOLOGEN

Het in Gosselies gevestigde OncoDNA is een start-up die gespecialiseerd is in het bepalen van de DNAsequentie van kankercellen.
Stichter en CEO Jean-Pol Detiffe heeft zijn ondernemersuitdaging gewonnen door in te zetten op het delen van informatie met de patiënt.

Egezondheid is een uitgestrekt gebied… Maar volgens Jean-Pol Detiffe kan men het heel eenvoudig samenvatten. “E-gezondheid biedt patiënten de kans om zelf hun gezondheid te controleren.” En dat is de doelstelling waarop de oprichting van OncoDNA berust, het Waalse succesverhaal van het bepalen van de DNA-sequentie: patiënt en arts dichter bij elkaar brengen voor het bestuderen van de kankerdiagnose.

Volgens hem heeft de gezondheidssector een echte achterstand opgelopen ten aanzien van de evolutie van de digitale technologieën. “De macht lag 15 of 20 jaar geleden haast uitsluitend in handen van de artsen. Zij waren de enigen die de informatie uit het medisch dossier kenden. Nu niet meer. Informatie gaat rond en komt samen en de arts kan niet anders dan ze delen. Maar dat is nog niet echt een gewoonte geworden bij de artsen. Bij OncoDNA hebben we een platform voor het publiceren van verslagen ontwikkeld. Dat verplicht de arts om de informatie toegankelijk te maken.

Het DNA lezen om de tumor te overwinnen

Het is een onwrikbaar besluit waarop OncoDNA zich baseert. De patiënt heeft een rol te spelen bij de diagnose en de therapie van zijn kanker. De in 2012 gestichte firma uit Charleroi heeft al een hele weg afgelegd. Bij het oprichten ervan, was ze de enige die analyses aanbood die gebaseerd zijn op de DNA-sequentie.

Haar eerste product, OncoDEEP, dat in 2014 ontstond, wekte de belangstelling van de medische sector. Het wil DNAtests van kankertumoren aanbieden, waardoor de medische opvolging van de patiënten kan worden verfijnd en nieuwe behandelingsopties kunnen worden bepaald. “Ook al wordt OncoDEEP over het algemeen voorgeschreven voor patiënten bij wie alle standaardbehandelingen mislukt zijn of voor patiënten die een zeer agressieve of uitgezaaide kanker hebben, toch stellen we vast dat meer en meer oncologen en/of patiënten die test heel vroeg in de ontwikkeling van de ziekte vragen”, legt Jean-Pol Detiffe uit.

Het tweede product dat werd ontwikkeld, OncoTRACE, sluit logisch aan op OncoDEEP. Het spoort het opduiken van nieuwe mutaties op, die verband houden met weerstand tegen de behandeling, en wel op basis van een eenvoudig bloedstaal. “Dankzij de resultaten die we met deze veel minder invasieve techniek verkrijgen, zal men de evolutie van de tumor kunnen volgen om een eventueel hervallen te kunnen identificeren. De identificatie gebeurt veel sneller dan met de huidige klassieke technologieën”, preciseert Jean-Pol Detiffe.

Nieuwe relaties

Dan wordt al die informatie via het webplatform OncoSHARE aan de oncoloog gegeven in de vorm van een dynamisch, duidelijk en verstaanbaar verslag. “OncoDNA bezorgt de oncoloog een meer volledige en robuuste lijst van behandelingen die goed zouden kunnen zijn voor zijn patiënt.

Via het platform brengt ook de patiënt zijn getuigenis in. “Soms is het de patiënt die naar ons komt, zonder oncoloog. Dankzij de technologische middelen kan de patiënt zich informeren. Hij heeft de tijd en de wil daarvoor en hij is het, die essentiële gegevens bezorgt. Maar we werken nooit zonder voorschrift.” Elk rapport heeft een “Forum”, een aan artsen voorbehouden discussiezone.

OncoDNA, die door Ernst&Young werd uitgeroepen tot de meestbelovende onderneming van 2015, is gevestigd in de Aéropole van Gosselies. “Dat is een mooi biopark en het ligt vooral in de buurt van het Instituut voor Pathologie en Genetica (IPG), het grootste kankerdiagnoselaboratorium van België.” Het IPG voert analyses uit, terwijl OncoDNA de gegevens inzamelt.

Die data vormen het materiaal dat geanalyseerd en geïnterpreteerd gaat worden. “Onze staf bestaat voor de helft uit informatici en voor de helft uit biologen.” Zo helpen statistieken, algoritmen en robots bij het bepalen van de beste behandeling voor een patiënt. “Maar dat blijft slechts een hulpmiddel. Die kunstmatige intelligentie zal nooit het menselijk oordeel kunnen vervangen, dat rekening houdt met de context en veel andere parameters. Het is altijd de arts die het laatste woord heeft”, verzekert Jean-Pol Detiffe.

€ 7.700.000

In september jongstleden zette OncoDNA een nieuwe stap vooruit dankzij een fund- raising waardoor haar eigen middelen met € 7.700.000 werden verhoogd van € 1.100.000 tot € 8.800.000. Dat nieuws kwam op dezelfde dag als die waarop de Amerikaanse groep Caterpillar zijn vertrek uit Charleroi aankondigde. Sommigen zien daarin het teken dat Wallonië “een diepe economische mutatie ondergaat van
zware industrie naar wetenschappelijk onderzoek en de wereld van de nieuwe technologieën”, schreef La Libre Entreprise op 3 september 2016. O

p zijn schaal is dat het goede nieuws waarop Jean-Pol Detiffe wachtte. “We moesten kunnen aanwerven. Nu zijn we hier met 25, maar tegen maart 2017 zullen we 50 werknemers hebben.” De nieuwe middelen zullen door OncoDNA worden gebruikt voor het versnellen van haar reeds veelbelovende internationale groei en het ontwikkelen van haar SaaS-platform (Software as a Service), dat het analysesysteem en de technologie van OncoDNA levert aan ziekenhuizen die al hun eigen laboratoria voor het bepalen van sequenties hebben.

Als laatste grote uitdaging moet OncoDNA zijn netwerk van toonaangevende oncologen wereldwijd blijven uitbreiden. “Momenteel hebben we de geeks. Nu gaan we de anderen aanspreken. Onze medisch afgevaardigden gaan stelselmatig de oncologen in Frankrijk, België, Duitsland, Italië en Spanje bezoeken.” OncoDNA, dat door sommigen al het “Facebook van de oncologen” wordt genoemd, heeft zeker potentieel.

KERN-CIJFERS
Meer dan 2500 geteste patiënten
10.000 inschrijvingen op OncoSHARE
30 dealers in 60 landen
Meer dan 80 ziekenhuizen in Europa
Een fundraising van € 7.700.000

 


MIJN VRIEND DE ROBOT

Sinds het einde van zijn proefschrift beheert Julien Sapin de firma Axinesis, een in Waver gevestigde start-up die gerobotiseerde hulptoestellen verkoopt voor patiënten met hersenletsel. REAplan, het eerste product dat door Axinesis op de markt werd gebracht, is een robot om de revalidatie van slachtoffers van een cerebrovasculair accident (CVA) te begeleiden met behulp van een videospelletje.

Julien Sapin is de Chief Technical Officer (CTO) van Axinesis, een jong bedrijf dat ontstond uit de Université catholique de Louvain (UCL) en dat hij zelf heeft opgericht. Alles begon in 2010, aan het einde van zijn proefschrift. Hij had zopas vier jaar onderzoek gedaan voor het “ontwerp van een interactieve robot voor het revalideren van de bovenste ledematen van patiënten met hersenletsel” (dat is de titel van zijn proefschrift). Natuurlijk wilde hij verder onderzoek doen naar een concreet en verkoopbaar product. Zo is Axinesis in 2015 op de campus van Louvain-la-Neuve ontstaan.

De partnerrobot voor de revalidatie

De spin-off verlaat al vlug de academische cocon. “We voerden een kapitaalsverhoging uit, die in april 2016 werd afgesloten. In mei zijn we naar onze lokalen in Waver verhuisd en in augustus hebben we de productie opgestart. We hebben zes werknemers met een ingenieursprofiel (informatica en elektromechanica) en een technisch profiel (informatica), alsook meer commerciële profielen”, vertelt Julien Sapin.

Axinesis legt zich toe op de revalidatie van de bovenste ledematen van patiënten met hersenletsels, onder wie volwassenen die het slachtoffer werden van een CVA en kinderen met motorische hersenstoornissen (MHS). REAplan is het eerste product dat door Axinesis werd ontwikkeld en in de handel gebracht. Met deze medische robot toont Julien Sapin aan dat revalidatie kan worden vergemakkelijkt met behulp van innoverende technologieën. “Het voordeel van een partnerrobot is dat hij zich aan uw tempo aanpast zonder vragen te stellen en u alleen helpt wanneer dat nodig is.” Dat is e-gezondheid volgens de jonge bedrijfsleider: een geneeskunde die meer geïndividualiseerd is en zich beter aan de behoeften van de patiënt aanpast.

Hoe werkt dat? “De robot heeft sensoren die de motorische intentie voelen. Hij weet of de patiënt al dan niet in staat is om te bewegen en zal zijn hulp in functie daarvan aanpassen. Hij wil de oefening doen slagen.” Om zijn lichaamsvermogen terug te winnen, moet de patiënt dezelfde beweging onophoudelijk herhalen. “Er is intensiteit nodig en de robot maakt het mogelijk 750 bewegingen te doen op 15 minuten, terwijl men tijdens een traditionele intensieve therapie een uur nodig heeft voor 1000 bewegingen. Als men dat met een therapeut doet, is dat heel duur.” Ook al meent Julien Sapin dat men het menselijk contact nooit zal vervangen, toch is hij van oordeel dat REAplan een zekere vrijheid en meer zelfstandigheid geeft aan de patiënt.

Spel en mobiliteit

Het gaat om een ergonomisch en interactief toestel dat robotica en therapeutische spelletjes met elkaar combineert. “Met REAplan kan de patiënt zich in zijn revalidatie onderdompelen met behulp van videospelletjes”, legt Julien Sapin uit. “U bent in uw foodtruck en hebt 15 minuten om een aantal hamburgers voor een aantal klanten te maken. Zo wordt een therapeutische oefening een spel! Die dimensie werkt en ze is heel belangrijk bij kinderen.

REAplan is een volledig nieuw instrument voor ziekenhuizen. Het toestel kost ongeveer € 50.000. “Sinds september hebben we het toestel aan een kliniek in Montréal verkocht en aan het CHU Dinant Godinne.” Maar Axinesis wil daarmee niet stoppen. “REAplan is een eerste product voor een medische omgeving. Wij willen echter bij de patiënt thuis geraken, zijn revalidatie volgen vanuit het ziekenhuis naar zijn woonst. En altijd met behulp van het videospelletje.


ONDERVOEDING OPSPOREN

Speelt Dim3, weldra met de groten... in de ruimte?

Dim3 staat voor Disease Integrated Management – 3th dimension. Deze Luikse start-up werd in 2014 opgericht door JeanClaude Havaux en is gespecialiseerd in innoverende oplossingen op het gebied van verbonden geneeskunde. Het zou best kunnen dat Dim3 binnenkort met de groten mag spelen. Het bewijs dat hun knowhow tot ver buiten onze grenzen bekend wordt, is dat de firma deel uitmaakte van de jongste prinselijke economische zending naar Texas, van 3 tot 11 december jongstleden. Die reis werd georganiseerd in nauwe samenwerking met het AWEX (het Waals agentschap voor export en buitenlandse investeringen) en diende om partnerschappen aan te gaan op uiteenlopende gebieden, waaronder ICT en de medische sector. De directie van Dim3 heeft daarvan gebruik gemaakt om met de in de buurt van Houston gevestigde Texas A&M University een kaderovereenkomst te sluiten voor onderzoek aangaande de analyse van de gezondsheidsdata van patiënten (meer bepaald van hun voedings- en mobiliteitstoestand). In samenwerking met verscheidene partners, waaronder een Texaans ziekenhuisnetwerk, zal Dim3 zich begin 2017 toeleggen op het onderzoek van de economische impact van haar Nutrow-software.

We hadden het verleden jaar (zie WAW nr. 30) al over Nutrow, de software waarmee men de voedingstoestand van patienten in een ziekenhuisomgeving kan opvolgen. Ondervoeding of malnutritie is een onderschat verschijnsel waarmee tussen 40 en 60 % van de in intensieve zorgen opgenomen patiënten te maken heeft. Het is ook een niet te verwaarlozen comorbiditeitsfactor bij bejaarden, die zwaar weegt op het budget van de sociale zekerheid. Het is dus op die ziekte dat Dim3 haar eerste onderzoek wil toespitsen. De firma wil daarmee bijdragen tot snellere beslissingen, waardoor het medisch personeel kostbare tijd kan winnen en de sterfgevallen en gezondheidskosten kunnen worden verminderd.

Biocorder is een mobiele klinische assistent

Vandaag vormen twee toepassingen en twee toestellen haar hulppakket of geïntegreerd instrumentensysteem. Terwijl men met de Scorso-preventiesoftware, die ook thuis, in rust- en verzorgingstehuizen en bij de apotheker zou kunnen worden gebruikt, het gevaar voor ondervoeding kan detecteren, biedt Nutrow een echt situatieoverzicht waarmee het verzorgingspersoneel de evolutie van de toestand van de patiënt in reële tijd kan opvolgen. “Die software, waarvan het gebruik vanaf januari in de validatiefase zal treden in het CHU van Luik, onderzoekt alle medische gegevens (algemene gezondheidstoestand en voedselbehoefte) en registreert de informatie over de ontvangen voedingsmiddelen”, verklaart Éric Poskin, Corporate Director van Dim3. “Deze laatste kunnen worden doorgestuurd met Feedim, een toestelletje dat we hebben uitgevonden en dat op de voedingspomp wordt bevestigd. Ten slotte hebben we een apparaat ontworpen dat een mobiele klinische assistent vormt voor de artsen en het verplegend personeel, namelijk de Biocorder. Dat is een van 3D-sensoren voorziene feedreader die bewegende patiënten kan opvolgen en hun antropometrische metingen uitvoeren. Het prototype werkt al. In januari gaan we dus aan de onderzoeks- en ontwikkelingsfase beginnen om er andere technologieën in te integreren en daarna gaan we aan de industrialisering ervan werken.

En doordat men al etende trek krijgt, droomt Dim3 ervan zijn Biocorder de ruimte in te sturen om de gezondheidstoestand van de astronauten te controleren. Met de Texas A&M University staat de deur wagenwijd open…


PEPPER,  EEN ROBOT  DIE PATIËNTEN HELPT

Vandaag is hij al goed ingeburgerd in Japan. Je kunt hem in sommige tehuizen zien en in een massa winkels en agentschappen, waar hij met zijn leuke snuit en zijn innemende karakter de klanten helpt verwelkomen, informeren, verstrooien en dikwijls verrassen. Dankzij OZ Consulting, een in Andenne gevestigd consultancybedrijf voor digitale omvorming, en zijn partners, staat de robot klaar om zijn intrede te doen in ziekenhuizen en andere verzorgingsinstellingen in Wallonië.

Pepper is immers de eerste mensachtige robot die de voornaamste menselijke emoties kan herkennen en die zijn gedrag eraan kan aanpassen. De robot werd door de Franse firma Aldebaran ontworpen en in 2015 overgekocht door de Japanners van SoftBank Robotics. Maar nu is zijn lot verbonden met de Waalse knowhow. “Het meest complexe met technologie is over het algemeen niet om die te doen werken, maar die in te zetten in iets dat bruikbaar, nuttig en economisch leefbaar is”, luidt de uitleg van Thierry Vermeeren, directeur van OZ Consulting. “Om het potentieel van deze robot te ontwikkelen en toepassingen voor hem te vinden in de ziekenhuissector, hebben we een akkoord gesloten met SoftBank en Sesam opgericht, een publiek-privaat samenwerkingsverband dat uiteenlopende deskundigheden omvat. Die pool, waar het CHU van Luik, het Grand Hôpital van Charleroi, het deskundigheidscentrum Technofutur TIC (Charleroi), het onderzoekscentrum Multitel (Bergen) en het UCL-laboratoirum ICTEAM deel van uitmaken, werd via de BioWin-pool door het Waals Gewest gefinancierd om de industriële ontwikkeling ervan mogelijk te maken.

Alzheimerpatiënten begeleiden

Welke taken zouden we aan soldaat Pepper kunnen toevertrouwen? “De robot is rijp, maar hij weet nog niet waar hij zich ergens in de ruimte bevindt”, stelt Thierry Vermeeren vast. “We willen dat hij zich geografisch kan lokaliseren om hem dus een zekere zelfstandigheid te geven opdat hij sommige patiënten in alle veiligheid zou kunnen begeleiden in de verschillende zones van het ziekenhuis. We denken bijvoorbeeld aan
alzheimerpatiënten. Ons onderzoek zal ook over het sociologische aspect gaan. We gaan met de zorgverstrekkers nadenken over de manier waarop Pepper in hun werk zou kunnen worden geïntegreerd. Want we willen niet dat hij de plaats van een medisch personeelslid inneemt. Maar hij zou wel zeer goed een assistent voor hen kunnen worden. In een rugkliniek zou hij bijvoorbeeld de revalidatieoefeningen kunnen uitleggen aan de patiënten en zelfs hun bewegingen filmen en die beelden aan de kinesist doorgeven.

Vijftig gebruiksmogelijkheden

Geheugenstoornissen, revalidatie, psychologische reconstructie van personen met ernstige brandwonden... Aan gebruiksmogelijkheden voor robots is geen gebrek. “Wij willen een bibliotheek aanleggen met vijftig gebruiksmogelijkheden die echt nuttig zijn voor de 65 ziekenhuizen die lid zijn van de Digitale Patiëntengemeenschap, een soort cluster die bedoeld is om ervaring en kennis samen te brengen”, onthult de baas van OZ Consulting en speerpunt van die gemeenschap, die zich uitstrekt tot Nederland en Frankrijk. “Een tiental van die toepassingen zouden we vanaf begin 2017 in de praktijk moeten kunnen brengen en de andere binnen twee jaar. Het Grand Hôpital van Charleroi en het CHU van Luik zijn de eerste die ze gaan uitproberen in reële omstandigheden.

 


 

Your opinion counts