Waw magazine

Waw magazine

Menu
  • /

Hij komt uit het Zuiden. Zijn keuken is een mengeling van Belgische en Baskische inspiratie. Zij komt uit het Noorden. Ze is dol op wijn en haalt er betaalbare hoogstandjes mee uit op een ongewone plaats. Een geslaagd koppel autodidacten.

 

De mythe van de uit de dood opgewekte Lazarus en de uitgesproken “christelijke” versiering verlenen een speciale sfeer aan dit in het licht badende restaurant met zijn vele vensters. Je voelt je er als bij vrienden, met wie je de wereld zou willen verbeteren rond een glas wijn. Zowat overal neergepote heterocliete voorwerpen spreken je aan en houden je blik vast: een verlicht Christusbeeld, een reeks gekleurde tuinkabouters, koeienhuiden op de vloer. Het meubilair van hout, steen en rotan steekt af tegen de gedurfde, modernistische en binaire gok van zwarte muren onder een stralend wit plafond. “Die naam is niet enkel gekozen voor de mooie klanken”, vertrouwt Isabelle Verstraeten, dewijnkelnerin ons toe. “Het is een echte opstanding rond een gemeenschappelijk project”. Behalve op Jean-Charles Barthélémy, is deze charmante dame ook “dol op wijn”. Alle landen ter wereld staan op haar kaart. Isabelle over haar ontdekkingen horen vertellen, is al een avontuur op zich. De chef is danweer de verpersoonlijking van de onver-moeibare passie voor koken. Hij bereidt hier een authentiekegezinskeuken, een terugkeer naar het wezenlijke. Jean-Charles Barthélémy voert dezelfde strijd alswij. Net zoals zijn schoonbroer, Michel Guérard, komt hij sinds zijn kindertijd in de mooisterestaurants van Frankrijk en Navarra. Michel Guérard pronkt immers al vele jaren met zijn driesterren op de fries van de ‘Prés dEugénie’, in de Landes. Zou al het lekkers van vroeger in de Lazarus verrijzen?

 

Het proeven

Munt, cava en limoen: een aperitief dat een andere kijk geeft op de alomtegenwoordige Cubaanse mojito. De frisse munt en de zure citroen, samen met de bruisende cava, geven pit en een snuifje aromatherapie aan deze gekende cocktail, net zoals de gulle vitello tonnato (€ 17) die als voorgerechtwordt aangeboden. Een andere specialiteit van de chef is een op 64 °C gekookt ei, dat wordt opgediend met een duo van groene asperges en kalfszwezerik (€ 22). De hoofdschotel van Schotse zalm met tartaarsaus (€ 23) is een echte delicatesse en een van de favoriete gerechten van de chef. Als wijnen stelt Isabelle Verstraeten mooie vondsten tegen een zacht prijsje voor, zoals een RocParabelle, Bordeaux Entre-deux-mers 2014, een efficiënte wijn als aperitief en bij de zalm met tartaar.Maar waarom zou je je niet eens laten verleiden door een Libanese wijn of een Columbia Crest Real Estate 2012 uit de Verenigde Staten? Liefde op het eerste gezicht? Een volledig gefruite Cabernet Sauvignon met vanillesmaak en kersengeur, die ondanks de dure aankoopprijs van de Amerikaansewijnen, slechts € 35 kost. En als je echt een topwijn wenst, dan vind je op de kaart een mooie verzameling edele flessen van overal ter wereld.

 

INLICHTINGEN:
Lazarus
Restaurant et Bar à vin
Bld du Centenaire, 2
B-1325 Chaumont-Gistoux
+32 (0)10 23 90 78
 

www.resto-lazarus.be

Open van dinsdag tot vrijdag (’s middags en ’s avonds) en op zaterdagavond

NOIR Artist

  • ,
  • ,

“Kleur heeft geen belang. Het contrast tussen zwart en wit is voor mij de zuiverste vorm.”

 

NOIR Artist, pseudoniem van Lucien Gilson, is een jong beeldend kunstenaar en muurschilder die zijn opleiding kreeg in Saint-Luc Luik. Zijn pseudoniem werd ingegeven door het feit dat zwart het enige pigment is dat hij gebruikt – hij komt zelfs niet aan grijs of wit. Op 27-jarige leeftijd maakt hij schilderingen en muurfresco’s op vrijwel alle mogelijke dragers en in alle denkbare formaten. Zijninspiratie zoekt hij in de reclame, de barokkunst, tatoeages en popart. Zijn creativiteit is onbeperkt, want hij maakt schilderijen, tekeningen, muurfresco’s, muurkunst, trompe-l’oeil, decoratie en streetart. En niemand blijft onbewogen bij het zien van al dat ‘zwart’.

  • /

28.5 > 4.12.2016

 

Christine Plenus

Sur les plateaux des Dardenne

De setfotograaf, zwijgzaam en aandachtig oog, moet evenzeer getuigen van de film die voor zijn objectief vorm krijgt, als van hen die hem realiseren, van de acteurs tot de opnameploeg. Een werk dat aansluit op dat van een ander met zijn beperkingen en zijn vooraf vastgestelde eisen zoals daar zijn, de belichting, het in beeld brengen, de kleren van de acteurs, het decor en de scène.

Al dertig jaar fotografeert Christine Plenus elke filmopname van Jean-Pierre en Luc Dardenne, drie decennia van medeplichtigheid sinds de eerste film Falsch (1987) tot heel recent La fille inconnue die in de herfst van 2016 zal uitkomen. Haar aanwezigheid tijdens elke draaidag laat haar toe geprivilegieerde momenten vast te leggen terwijl zij de belangrijkste scènes fotografeert.

De tentoonstelling Sur les plateaux des Dardenne ontwikkelt zich doorheen de gefotografeerde films terwijl ze zich bevrijdt van de eigen geschiedenissen. De zowat 120 foto’s waaruit de tentoonstelling bestaat, die het universum van de gebroeders Dardenne vertalen zonder het ooit te verraden, bieden ons het privilegie de films op een andere manier te vertellen en magische momenten in de schoot van de creatie waar te nemen. Tussen de terugkerende thema’s zal men de omhelzingen terugvinden, de eenzaamheid en de dolle wedlopen.

Christine Plenu is geboren in 1958 en gediplomeerd in fotografie in 1979. Ze is docente aan het Institut Saint-Luc te Luik. Sinds 1986 is zij setfotografe voor kort- en langspeelfilms.

“Fotografie doceren is ervaringen beleven en delen. Fotograferen, foto’s maken, dat is kijken en ontdekken. Dat is het leven.”


 

Bois du Cazier. Marcinelle, 1956

Op 8 augustus 1956 lieten 262 mijnwerkers het leven bij wat de grootste mijnramp van België ging worden. Bij het eerste nieuws van de ramp begeven fotografen zich ter plaatse. Hun beelden getuigen van de eerste uren waarbij de hulp georganiseerd wordt, waarbij de hoop de redders naar de mijn doet snellen en de vrouwen en kinderen naar de hekkens, waar zij tot staan gebracht worden.

Deze beelden vertalen ook het ondraaglijke wachten, de dagen die voorbij snellen, terwijl ze hun lot van onheilsprofeet met zich meedragen en officiële bezoekers en nieuwsgierigen aantrekken.

Aanwezig vanaf de eerste uren van de catastrofe hebben Camille Detraux en Raymond Paquay gefotografeerd en commentaren gesprokkeld. Zij hebben een gedetailleerde indruk van het drama bewaard zonder te vervallen in effectbejag en het choquerende beeld.

“Het ergste was het eindeloze wachten. De avond van de eerste dag hebben we enkele van de overlevenden gezien. De hoop hervatte. Maar van dag tot dag nam ze vervolgens af. Ik had andere mijnrampen meegemaakt, grauwvuur, instortingen. Maar dit oversteeg de verbeelding. Onmogelijk niet te denken aan die talrijke mijnwerkers, aan hun onmacht ten aanzien van die brand”, getuigt Camille Detraux.

Vervolgens hebben andere beelden zich bij deze gevoegd, beelden gerealiseerd door meerdere fotografen die aanwezig waren op de plaats van het drama : Roger Anthoine, Antoine Rulmont, Hermann Chermanne, Alain Massin en Kryn Taconis. Allen hadden zij dezelfde aandacht voor het drama dat zich daar afspeelde en hetzelfde respect voor de slachtoffers en hun families.

Leonard Freed, die tijdens de begrafenis van de slachtoffers in Marcinelle aanwezig was, heeft eveneens een schroomvallige en aangrijpende reportage gerealiseerd. In 2011 heeft zijn weduwe deze grootmoedig aan het museum geschonken.

Zestig jaar na de catastrofe, die nog steeds, zelfs over de grenzen, in het geheugen gegrift staat, wil het Musée de la Photographie, na les Archives de Wallonie, hulde brengen aan de slachtoffers door middel van deze tentoonstelling die deze fotogetuigenissen samenbrengt. De tentoonstelling wordt vergezeld van de herziene en vermeerderde zesde druk van het boek Bois du Cazier, Marcinelle 1956.

 

www.museephoto.be

De ‘Comptoir des Créateurs’ breidt uit.

Na de boetiek in Terhulpen is het aan de opgewaardeerde site van de papierfabriek van Genval

om plaats te bieden aan een centrale voor ontwerpers made in Belgium.

 

Laetitia Paternoster is dapper. En werkt hard. In één jaar, namelijk 2015, opent ze in Waals- Brabant twee ‘Comptoirs des Créateurs’, die bedoeld zijn om werk of producten te verspreiden van Belgische ontwerpers en van enkele anderen uit de aangrenzende landen zoals Frankrijk en Nederland. De recentste, de ‘Comptoir des Papeteries de Genval’, bevindt zich volledig gelijkvloers en wordt verlicht door grote vensters, in de stijl van Amerikaanse lofts. Die inrichting en decoratie doet denken aan de industriële voorgeschiedenis van de plaats waar de ‘Comptoir’ gevestigd is. Zichtbaar beton, baksteen en metaal, gerecycleerd hout om de te verkopen stukken, waaronder enkele unieke werken, beter tot hun recht te doen komen. Om de vier maanden (of om de drie in Terhulpen), wordt de centrale volledig leeggemaakt en gevuld met het werk van een twintigtal andere ontwerpers. Sommigen krijgen het voorrecht om er nog een periode langer te blijven, naargelang het succes dat ze oogsten. Ondanks de strenge selectie die Laetitia doorvoert, kunt u in de ‘Comptoir des Créateurs’ (bijna) alles vinden: modeartikelen en -accessoires, siervoorwerpen, juwelen, cosmetica, Design&Art, feestwijnen en zeldzame voedingswaren. Laetitia laat in haar centrales slechts dingen toe die op een andere manier kunnen worden geconsumeerd, op zijn Belgisch, exclusief, creatief, duurzaam en genietend. Want de jonge onderneemster is er zeker van dat het succes van het concept afhangt van een combinatie van verscheidene factoren: de creatieve dynamiek in België, het zoeken naar tentoonstellingsruimte en een klantenkring die graag verantwoord, plaatselijk en duurzaam koopt. “Mijn verkooppunten zijn een ontmoetingsplaats en wanneer de vonk overslaat, is mijn opdracht vervuld!”

 

Waalse ondernemingszin

Het idee achter de ‘Comptoir des Créateurs’ viel niet uit de lucht. Het is het resultaat van een persoonlijke ontwikkeling. Er was om te beginnen de geboorte van Nathan, haar zoon die nu tweeënhalf jaar is. Toen was het tijd om van richting te veranderen. Van evenementen stapte Laetitia over naar binnenhuisinrichting, ze volgde een etalagistenopleiding en richtte haar eigen merk van maatkledij voor kinderen op, Les Ateliers de Nathan (te koop in de centrale van Terhulpen). Haar poëtische creaties van hout bood ze aan in pop-up stores. Ze bestudeerde daar de werking van, merkte de gebreken op en dacht na over het verbeteren van de werking van dat ‘vluchtige’ verkoopsysteem. In februari 2015 opende ze vastbesloten de eerste ‘Comptoir des Créateurs’ in Terhulpen en in november een tweede in Genval. Kunstenaars en ontwerpers begrepen al vlug hoe belangrijk die originele verkooppunten waren en namen contact met haar op. “Ik vul de boetiek door zelf andere ontwerpers te zoeken om tot een gevarieerd aanbod te komen. Ik werk met een consignatiesysteem en een win-win samenwerking met ontwerpers wier beroepsstatuut in orde is (N.V.D.R.: die een BTW-nummer hebben). Ik aanvaard enkel kwaliteitsartikelen die tegen de tijd bestand zijn. Ik let op alles: afwerking, materialen en gebruikte producten. Meestal gaat het om stukken die uniek zijn of die weinig of niet worden verkocht in de streek. Geen dingen die je ook in de winkel hiernaast kunt vinden.” Laetitia heeft nu twee verkoopsters die ze opleidingen bij de ontwerpers laat volgen, om die beter te leren kennen en over hen te kunnen vertellen aan de klanten. Nog een pluspunt.

 

Slimme handel

In de boetiek word je heel wat slimmer (maar ook wat minder rijk, want kopen doe je zeker). Een culturele uitstap! Elke ontwerper is je bezoek en je aandacht waard. De rasechte vestiaire van stylistes zoals Valérie Moreau en Éléonore de Lichtervelde, de humoristische sweats en T-shirts van het merk ‘Belge une fois’ (met opgedrukte slogans zoals “Je suis belge, don’t be jealous”), de kussens die gemaakt zijn van oude kelims van Cortil12, de Be-Burlintassen voor elegante fietsters en die van Lilu die uit edel materiaal zijn gemaakt, de bio-verzorgingsproducten van Belle Bulle, het Vlawa-bier van brouwerij Grain d’Orge uit Hombourg en de Cocoricojuwelen van Laura Placucci, nog een jonge vrouw die weet wat ze wil (zie verder).

Terwijl Laetitia Paternoster vooral mikt op uitmuntendheid, voert ze de klantendienst ook hoog in het vaandel. “Wat je ook koopt, als er een probleem is, nemen we het terug. We zijn geen supermarkt, maar luisteren naar onze klanten. We kunnen bijvoorbeeld een sweatshirt op aanvraag laten maken. Samen met de ontwerper zien we wat er mogelijk is.” De prijzen? “Die hangen af van de gebruikte materialen en van het aantal werkuren. Het zijn correcte prijzen. Dat is ook een kwestie van evenwicht: onze prijzen gaan van 15 euro tot soms meer dan 1500 euro voor een schilderij of een uniek werkstuk. Lage prijzen staan niet voor ‘rommel’ bij ons! De ontwerpers moeten niet alleen kwaliteit leveren – daar ben ik heel streng op – maar ook het debiet kunnen volgen en op verzoek kunnen bijleveren tijdens een sessie. De ‘Comptoir’ mag nooit leeg zijn.” Laetitia lacht er dus duidelijk niet mee en hobbyisten maken bij haar geen kans. Het gaat immers om de geloofwaardigheid die het voortbestaan en het succes van beide centrales moet garanderen.


 

 

INLICHTINGEN:

Le Comptoir des Créateurs

Boutique 14, Square des Papeteries de Genval

Avenue Franklin Roosevelt, 100

B-1332 Genval

[email protected]

www.lecomptoirdescreateurs.be


 

COCORICO, EEN VOGELNAAM VOOR CREATIES VOL PLUIMEN

Voor haar eerste collectie fantasiejuwelen heeft Laura Placucci het bij eenvoudige dingen gehouden. De jonge vrouw bedenkt en maakt haar luchtige juwelen in een minimalistisch atelier in het dorp Incourt, in een hoekje van wat eens haar meisjeskamer was. Ze werd door Laetitia Paternoster opgemerkt tijdens het jongste ‘Côté Campagne’-salon van de ‘Comptoir des Créateurs’. Laura begon etnisch geïnspireerde fantasiejuwelen te maken. Kleurrijke en gevlamde pluimen en verouderd messing voor creaties die niet zouden worden afgewezen door de vroegere opperhoofden van Amerikaanse indianenstammen. Haar juwelen, die worden verkocht in de ‘Comptoir des Créateurs des Papeteries de Genval’, vliegen letterlijk de deur uit. Met zachte prijzen en een zigeunerachtig design heeft Laura goed gemikt: de oorbellen en halssnoeren van de eerste lijn zijn verleidelijk door hun natuurlijke kant. Op haar Facebook-pagina doken al vlug honderden fans van haar pluimen op.

 

Lichte sierraden

Met haar 26 jaar staat Laura aan het begin van haar leven en van haar loopbaan. Na haar humaniora studeerde ze ruimtelijke kunst en behaalde dan een bachelor in binnenhuisinrichting aan ‘Sint-Lucas’ (Brussel). Laura begreep al vlug dat het creëren van hedendaagse juwelen een kolfje naar haar hand was. Haar eindwerk maakt ze over het ontwerpen van een ‘wervelend juweel’. Daarna volgt ze aan het ‘Institut de Bijouterie’ in Saumur (Frankrijk) een jaar lang een beroepsopleiding voor het maken van juwelen. Na haar terugkeer in België vindt ze werk als binnenhuisarchitecte en begint daarnaast, in 2014, als zelfstandige een handel in fantasiejuwelen. Hoewel ze op basis van haar opleiding veel geavanceerder creatief werk zou kunnen verrichten, biedt ‘fantasie’ haar de gelegenheid om de sector zonder al te veel risico uit te testen. “Fantasiejuwelen kunnen gemakkelijker worden gemaakt, want ze vergen geen zware investeringen, eisen minder tijd op en kunnen tegen redelijke prijzen worden verkocht.” Met hun prijzenvork van 15 tot 39 euro werden de Cocorico-juwelen trouwens het voorwerp van een echte geschenkenjacht tijdens de jongste eindejaarsfeesten. Voor Laura was de test dus geslaagd. Nu wil ze Cocorico diversifiëren en haar gamma ook uitbreiden tot de arm‑ en hoofdbanden die tijdens de hippiejaren in de mode waren.

Laura zelf ziet er echter niet als een hippie uit, ook al doen de pluimen van haar oorbellen en haar lange blonde haar u misschien het tegendeel zeggen. Laura is immers meer van het sjieke genre. Ze vertelt heel gestructureerd en met zichtbaar genoegen over haar beginperiode en lijkt verbaasd dat ze aandacht van journalisten trekt. “Het was niet met een vooropgezet doel dat ik op het internet pluimen kocht. Het is een natuurlijk en licht materiaal, dat me wel bevalt. Daarna heb ik ze gebruikt tijdens een zuiver creatief proces”, vertelt Laura. Pluimen van hanen, ganzen, pauwen, fazanten en ander pluimvee maken sindsdien de Cocorico-lijn van ambachtelijke juwelen uit, waarvoor de inspiratie uit verre culturen komt. “Nu wil ik pluimen verwerken in een andere stijl, die meer design is, en met ander materiaal, zoals zilver. De modellen zullen gevarieerder worden.” Aangezien de vraag er is, doet Laura voort. “Ik hoop binnenkort een internetsite voor onlineverkoop te kunnen opstarten en – waarom niet? – te zien dat jonge kunstenaars van mijn generatie mijn juwelen dragen. Ik werd al aangesproken door juweliers die belangstelling hebben voor mijn juwelen...” Laura hoopt ook dat haar juwelen hun weg kunnen vinden in de distributiekanalen naar Italië, waaruit zij voor de helft stamt. Cocorico: de haan kraait bij het ochtendgloren!

 

www.facebook.com/cocoricobijouxfantaisie


 

FASTOCHE

Laetitia Paternoster opende niet alleen twee boetieks op minder dan één jaar tijd. Onlangs nam ze ook het door Ornella Marcella gecreëerde merk ‘Fastoche’ over. “Het product is zo sympathiek – en bovendien biologisch en plaatselijk – dat ik het niet kon laten vallen, toen ik vernam dat Ornella het om persoonlijke redenen niet zou voortzetten. Ik behoud dezelfde Luikse leveranciers, met wie ik het gamma zou willen uitbreiden.” Fastoche is een gamma van gebruiksklaar deeg voor het maken van heerlijke koekjes (zachte chocoladegebakjes, speculoos, graanrepen, cookies...). Je hoeft er op het laatst enkel eieren en verse boter aan toe te voegen. “Het is prachtig voor ouders die samen met hun kleine kinderen koken. De vervelende stappen, zoals het klaarmaken van de ingrediënten, het wegen... kun je overslaan. Zo verliezen de kokjes in de dop hun aandacht voor het eindresultaat niet.”

Preis: 9 euro per fles voor zes tot acht personen

www.fastoche.be 

  • /

‘Le Manoir’ ligt in het historisch centrum van het charmante stadje Marche-en-Famenne.

Indien u dit restaurant nog niet kent, moet u het absoluut eens bezoeken!

 

Jürgen Schreurs en Véronique Wilkin hebben al sinds enkele jaren hun anker uitgeworpen in hun hotel-restaurant in het centrum van Marche-en- Famenne. Het beschermde gebouw, dat in 1616 werd opgetrokken na de grote brand van 1615, is een van de oudste huizen uit de streek. Het staat vlak bij het stadhuis en op twee stappen van de Avenue de France, de hoofdstraat. Reizigers die de Ardennen bezoeken, snuiven hier de charme van oude steen op en profiteren tegelijk van een goede tafel en een heel comfortabel hotel. Het gebouw met zijn zes kamers, zijn restaurant met 80 plaatsen, zijn lounge bar, zijn terras en zijn tuin, is een toonbeeld van rust. “En in ons hotelgedeelte zijn we momenteel bezig met het afwerken van een uitbreiding met vijf zeer comfortabele kamers.

 

Verliefd op de Ardennen

De baas, die uit het noorden van het land komt, is een fervente verdediger van de Ardennen geworden. “Na vier jaar gestudeerd te hebben aan de hotelschool van Koksijde en na verscheidene stages in België en in het buitenland, werkte ik in de ‘Sirène d’Or’* in Brussel, in het ‘Lindenbos’* in Aartselaar en in de ‘Apicius’** in Gent. Later ging ik naar Durbuy, in 1986 bij ‘Jean de Bohème’ en tot in 1999 als keukenchef bij ‘Sanglier des Ardennes’. Vervolgens ging ik werken bij ‘Les Pieds dans le Plat’. Na weer een korte tijd in Durbuy, besloot ik voor eigen rekening te beginnen. Zo kocht ik mijn eerste restaurant, ‘Les Comtes d’Harscamp’ in Rendeux (Bib gourmand in de Michelingids). Ik vind dat Rendeux en Durbuy heel toeristisch zijn. Marche is dat ook, maar met daarbij een groter zakelijk cliënteel.

 

Wijn en keuken zijn live

‘Le Manoir’ is dus zijn tweede restaurant. Het beschikt over een groot venster tussen de keuken en de zaal. Men kan er de koks aan de fornuizen zien en de wijnverzameling bewonderen, die door Jürgen zelf werd samengesteld, want hij koestert een echte passie voor wijn. Hij heeft een indrukwekkende kelder kunnen aanleggen, die zowel Franse, als Belgische, Italiaanse en Portugese wijnen bevat. Anderzijds is de loungeruimte het deel van het gebouw dat het best de sfeer van weleer heeft bewaard, uit de tijd van de ‘Menus Plaisirs’, zoals het vorige restaurant heette, dat heel befaamd was in de streek. Met haar combinatie van oude steen en houtwerk vormt die ruimte een perfect contrast met het hypermoderne meubilair. De indrukwekkende bar is perfect geschikt voor de zeer uiteenlopende evenementen die er geregeld worden georganiseerd.

’s Middags en ’s avonds biedt ‘Le Manoir’ een ruime keuze uit vis‑ en vleesschotels aan. Tijdens themaweekends worden er ook geregeld plaatselijke specialiteiten geserveerd. Een andere specialiteit is kreeft, die tot genoegen van de liefhebbers van ‘klassiekers’ wordt bereid op Armoricaanse wijze, met romige kreeftensoep en stukjes tomaat. Met zijn 4 gangen biedt het ‘Menu Maxi M’ echte culinaire poëzie voor slechts € 39. Voor de vaste wijnprijs van € 16 krijgt men een mooie keuze, waaronder een uitstekende Domaine Maillard Chorey-lès-Beaune 2012 die naar kleine rode vruchten ruikt.

 

 

INLICHTINGEN:
Le Manoir
Rue du Manoir, 2
B-6900 Marche-en-Famenne
+32 (0)84 45 55 14
 

 

HET YOUKI-TRAJECT

“Bevriende gastronomen raad ik altijd aan Marche en zijn vele restaurants te bezoeken. Hier zit men niet in de toeristische sfeer van Durbuy.” Om chef Schreurs – Youki voor de vrienden – te begrijpen, moet men terugdenken aan de sterrenkeuken van Jean-Michel Dienst (zie WAW nr. 30) van ‘Les Pieds dans le Plat’. Beiden hebben dezelfde vitaliteit en begeestering om te werken met Europese producten tegen de juiste prijs. “Ik denk altijd met veel genoegen terug aan de keukenchefs of restauranthouders met wie ik samenwerkte. Ze hebben me niet alleen hun culinaire kennis meegegeven, maar me ook geleerd hoe ik een bedrijf moest runnen. Ik stelde hun menselijkheid op prijs en blijf nog steeds in contact met hen. Goede raad weiger je nooit.”

  • /

Het gebeurt niet alle dagen dat een gemeentebestuur, bij gebrek aan eigen middelen,

aan een particulier vraagt om een uitzonderlijk gebouw te redden. Een ongewoon familieverhaal.

 

Toch gebeurde dat in Sautour, een dorpje met 300 inwoners, dat deel uitmaakt van de gemeente Philippeville. Maar die particulier is natuurlijk niet om het even wie! André Corbisier staat aan het hoofd van een bloeiend bedrijf, wanneer de gemeente hem voorstelt de pastorie van de Sint-Lambertuskerk in Sautour te kopen. André Corbisier had acht jaar in dat rustige maar niettemin heel levendige dorpje gewoond en was er zeer aan gehecht gebleven. Louter uit liefde voor de streek beslist hij, samen met zijn dochter Laurence, om van het gebouw uit de 18de eeuw een toeristisch verblijf te maken. Een goed idee in een streek waar het toerisme sterk in opgang is. Het zal van de Corbisiers drie jaar werk en een investering van € 700 000 vergen om de pastorie te redden en er een gezellige hartelijke plaats van te maken. Het gebinte en de daken dienden vervangen te worden en heel de binnen– en buitenkant waren aan renovatie toe. Aan het karakter en de stijl mochten zij niet raken, aangezien het gebouw, met zijn blauwe stenen en leien, zo typisch is voor de architectuur van de streek.

 

Comfort en ruimte

Het resultaat beantwoordt volledig aan de inspanningen die vader en dochter Corbisier zich hebben getroost. Het verblijf is in twee vakantiehuizen opgedeeld. Het ene heeft vier kamers en plaats voor twaalf personen. Het andere huis is voor twee personen ingericht. Het comfort wordt verzekerd door een salon met open haard, modern ingerichte kamers en een goed uitgeruste keuken. Er is zelfs een infraroodsauna, een biljartzaal, een fietsenbergplaats waar elektrische fietsen ter beschikking staan. Kinderen kunnen zich buiten in alle veiligheid vermaken met het voorziene speelgoed, want het erf is volledig omheind met stevige stenen muren. Het onderkomen is het hele jaar open en buiten de zomerperiode kunnen firma’s er terecht voor teambuildingactiviteiten. Gezien het succes heeft Laurence Corbisier, die het verblijf samen met een medewerkster beheert, besloten het te vergroten. Daarvoor heeft ze de vroegere school naast de pastorie gekocht. Binnen enkele maanden en na een nieuwe investering van € 700 000 krijgt het verblijf er een nieuwe kamer en zwembad bij. Het zal dan vijf kamers tellen en plaats bieden aan 32 personen. Een ideale capaciteit voor seminars en andere activiteiten. De pastorie biedt verscheidene formules aan voor gezinnen, vrienden en koppels, maar reservaties voor één persoon voor één overnachting worden ook aanvaard.

 

Sportactiviteiten te over

Momenteel komen de klanten hoofdzakelijk uit Brussel en Vlaanderen, voor activiteiten die een hoogwaardig onderkomen vergen”, benadrukt Laurence Corbisier. Ze heeft trouwens meer dan genoeg ideeën om een sportief publiek aan te trekken. Zo organiseerde ze al een Adeps-wandeldag die veel succes had en ze wil een referentie worden voor dat soort activiteiten. Het dorp is op zichzelf al een attractie. De zeer homogene bouwstijl weerspiegelt goed de dorpsgeschiedenis. Deze prachtige rots steekt boven het dal uit en was gedurende de 12de eeuw een versterkte vesting voor de roversbende van Jean de Beauraing, die de streek toen terroriseerde. Maar dat is al heel lang geleden. Nu baadt het levenslustige dorp in grote rust.

 

INLICHTINGEN:
Presbytère de Sautour
Rue Haut du Village, 16
B-5600 Sautour
+32 (0)471 08 87 26
  • /
  • /

Een vierdaagse metamorfose

Honderden kunstenaars zullen vier dagen op acht unieke plaatsen optreden.

Les MétamorphoseS staan voor de ambitieuze vernieuwing van Luik, dat zich wil omvormen tot een wereldstad die mensen samenbrengt.

 

Les MétamorphoseS, initiatief van LiègeTogether, vormen een topevenement voor de metropool en de nieuwe ontplooiing ervan, die al enkele jaren bezig is. Van 5 tot 8 mei zullen de Luikenaars een groots festijn beleven met allerlei gratis toegankelijke kunstmanifestaties. Een kijk op wat u tijdens dat lange feestweekend mag verwachten.

 

Donderdag 5 mei

‘Boverie en musique’, van 13 tot 18u in het Boveriepark in Luik

Eindelijk onthult de Boverie zich, tot eenieders genoegen. Het Koninklijk Filharmonisch Orkest van Luik zal deze openingsnamiddag muzikaal opluisteren.

‘Carabosse met le feu’, van 21u tot middernacht, in het Hausterpark in Chaudfontaine

De ‘Compagnie Carabosse’, een collectief van diverse kunstenaars, zet het Hausterpark een avond in vuur en vlam met een groot schouwspel.

 

Vrijdag 6 mei

‘Métalu A Chahuter’, van 15 tot 20u op het Robinsoneiland in Wezet

Spektakelfabrikant ‘Métalu A Chahuter’ is een gezelschap van artiesten, uitvinders, acteurs, muzikanten en beeldende kunstenaars. Sousbois is een uit droom en werkelijkheid bestaand kijk‑ en luisterspel.

‘Les Fous de Bassin’, 6 en 7 mei, 21u aan de Dérivation, in het Boveriepark in Luik

Er wordt een rivieropera aangeboden door het Franse kunstenaarsgezelschap ‘Ilotopie’, dat gebruik maakt van artistieke uitvindingen en ingrepen. Een nachtelijke wateropvoering die u zeker niet mag missen.

‘Méga Park’, van 21u tot middernacht, place Saint-Étienne in Luik

Voor de fans van Pac-Man en andere retrogames wordt de Place Saint-Étienne die avond een ongelooflijk interactief speelplein.

 

Zaterdag 7 mei

‘Boverie envahie’

Een vijftiental Luikse kunstenaarsgezelschappen zullen het Boveriepark in beslag nemen van 13 tot 18u. Die unieke dag biedt een programma vol artistieke, muzikale en andere optredens, zoals de robot Klug en de Ganzenfanfare.

‘Les Fous de Bassin’: 2e editie

 

Zondag 8 mei

Een artistieke picknick op de Quais de Meuse in Luik, van 12 tot 16u

Alle Luikenaars kunnen deelnemen aan een enorme picknick rond een reuzentafel. Die maaltijd wordt opgeluisterd door liedjes, toneel, dans, schilderkunst en dergelijke.

Slot van de MétamorphoseS, van 16 tot 22u, Place Kuborn in Seraing

Op de nieuwe Place Kuborn in Seraing wordt dit lange kunst‑ en cultuurweekend in schoonheid afgesloten. Een gezinsfeest met muzikale verrassingen.

 

www.liegetogether.be

  • /

Het hotel “Domaine des Hautes Fagnes” heeft zich in de prachtige natuur van Ovifat genesteld, nabij het Signaal van Botrange, op een steenworp van het hoogste punt van België. Het hotel biedt zijn gasten een combinatie van knowhow, gastronomie, welzijn en ontspanning, en staat voor economische ontwikkeling.

 

Het gebouw werd in de jaren 1970 opgetrokken en was aanvankelijk de eigendom van het Algemeen Christelijk Werknemersverbond. In juli 1993 opende het hotel “Domaine des Hautes Fagnes” zijn deuren. Na enkele verwikkelingen en veranderingen van eigenaar besliste de familie Petta in 2009 het hotel te kopen en te renoveren, wat een investering van € 5 000 000 inhield. Vanaf de overname opteerden de eigenaars voor een duurzame ontwikkeling die gunstig is voor de natuurlijke omgeving waarin het gebouw zich bevindt. In de loop der jaren werd het hotel grondig verbouwd om zijn gasten te kunnen ontvangen in een gezellig en warm kader in volle natuur, te midden van een bosrijk park. Zowel voor toeristen en streekbewoners, als voor ondernemingen, heeft het een volledig aanbod. Het domein bestaat uit een hotel van 71 kamers met al het nodige comfort, uit een café-restaurant, een gastronomisch restaurant, een wellnesscentrum en het beschikt ook over zalen voor vergaderingen, studiedagen en recepties.

Het “Domaine des Hautes Fagnes” heeft zopas een nieuwe chef-kok aangeworven voor zijn gastronomisch restaurant “Aux Saveurs des Fagnes”. Yves Van Dorpe kan bogen op een ruime ervaring, die hij in verscheidene sterrenrestaurants opdeed. Zijn komst valt samen met de beslissing van de eigenaars om het eclectische aanbod nog verder te ontwikkelen en het Domein van een toonaangevend gastronomisch restaurant te voorzien. De chef serveert er een Franse fusiekeuken met mediterrane accenten, wat de smaakpapillen alleen maar kan behagen. Hij wil met plaatselijke producenten werken en met verse en hoogwaardige producten die hem toelaten zijn kaart aan de jaargetijden aan te passen. Een deugdelijke en weldoordachte keuken, die alle eer betoont aan streekproducten en aan even gulle als vindingrijke en smakelijke specialiteiten.

Het wellnesscentrum “Vita Natura” van het domein is in 2012 volledig vernieuwd. Het centrum is niet alleen toegankelijk voor de hotelgasten, maar voor iedereen die zich middenin de Hoge Venen wil ontspannen. Het centrum bestaat uit tien verzorgingscabines en uit een 600 m² grote ruimte met sauna, hammam, bubbelbad en overdekt zwembad. Het hoogopgeleid personeel neemt uw lichaam onder handen voor een hele reeks verzorgingen tegen scherp berekende prijzen. U kunt er ook van de vele seizoenspromoties profiteren. De infrastructuur voor seminars is eveneens een van de sterke punten van het domein.

 

Het hotel telt negen vergaderzalen met een capaciteit tot 300 personen. In het uitgestrekte park (34 000 m²) rond het hotel kunt u heerlijk wandelen en ontspannen (minigolf, petanque, pingpong, speelplein enz.). Door zijn uitzonderlijke ligging in volle natuur vormt het “Domaine des Hautes Fagnes” een ideaal vertrekpunt voor wandelingen (eventueel onder begeleiding van natuurgidsen), mountainbike- en skitochten.

Het “Domaine des Hautes Fagnes”, dat momenteel 40 voltijdse medewerkers tewerkstelt, wil het hotel in 2016 nog uitbreiden met een dertigtal nieuwe kamers, één nieuwe ontvangstzaal en vergaderzalen. Dit 100 % familiaal bedrijf blijft zich verder ontwikkelen. Onlangs werd het uitgerust met een echt bergchalet aan de voet van de skipistes van Ovifat. Dat geeft een weids uitzicht op de drie skipistes en op de sledepiste.

 

 

INLICHTINGEN
Domaine des Hautes Fagnes
Rue des Charmilles, 67
B-4950 Ovifat
+32 (0)80 44 69 87

 


 

PRIJZEN

Kamers voor twee personen vanaf € 130; ontbijtbuffet tegen € 20. In het café-restaurant kunt u genieten van uitstekende gerechten (tussen € 10 en 19). Het gastronomisch restaurant biedt verscheidene menu’s van twee, drie, vier en vijf gangen aan (€ 30, 40, 50 en 60).

 

  • /

Voor een gastronomisch weekend, een seminar en een gezinsverblijf heeft deze Hostellerie*** mooie formules te bieden aan de oever van de Semois, te midden van een overweldigende natuur. Er valt hier van alles te beleven.

 

Dit prachtige hotel is ideaal gelegen in Alle-sur-Semois, in het zuiden van de provincie Namen, op een paar kilometer van de Franse grens. In 1998 kwamen Jane en Dimitri Everard zich hier vestigen vanuit Waals-Brabant, waar ze in Waterloo gedurende zes jaar “La Cuisine au Vert” hadden uitgebaat. Dat restaurant werd door de zus van de eigenaar overgenomen. “Mijn ouders woonden dicht bij Rochehaut en ik hou veel van die streek”, vertrouwt Dimitri ons toe. “Dit hotel, dat in die tijd ‘La Charmille’ heette, stond al twee jaar leeg toen wij het kochten. We hebben er veel werken aan uitgevoerd om het helemaal opnieuw in te richten. Zo hebben we er een lift in geplaatst, een zwembad gebouwd en een volledig nieuwe tuin aangelegd.

Toegegeven, het resultaat is al die inspanningen meer dan waard. Het mooie vierkante gebouw werd verfraaid met een veranda die uitziet op de tuin, en met een groot en gezellig terras. Momenteel telt dit driesterrenhotel 23 ruime kamers die in warme tinten zijn ingericht. Alle klanten zijn het erover eens: comfort en netheid zijn de voornaamste troeven van dit gebouw. Op de benedenverdieping hebben de eigenaars ook een kamer voor personen met beperkte mobiliteit uitgerust met aangepaste voorzieningen en voorzien van een privéparking. De kamers met wifi en televisie worden in drie categorieën ingedeeld: de standaardkamers (€ 120 voor twee personen), de gezinskamers met twee op elkaar aansluitende ruimtes en een stapelbed voor twee kinderen (€ 210) en ten slotte de Juniorsuite (€ 150), die allemaal kunnen worden gecombineerd met half of volpension. Want lekker eten is ook een van de troeven van het huis.

 

Aan tafel!

Het gastronomisch restaurant biedt immers al drie jaar een “Bib Gourmand”-menu aan tegen € 37, alsook een driegangenmenu en een kaart die in het jachtseizoen heerlijke wildgerechten voorstelt. Hert wordt hier in verschillende vormen bereid: als carpaccio, als filet met “Grand Veneur”-saus en als geroosterd vlees. Voor de liefhebbers organiseren Dimitri en Jane zelfs jachtweekends met twee of drie overnachtingen en natuurlijk met wild op het menu; deze formule heeft trouwens veel succes.
Maar de verassing komt vooral uit de tweede zaal, het café-restaurant dat helemaal in het teken van Orval-bier staat! “In 2008 werden we door de abdij bekroond met het label van ‘Ambassadeur d’Orval’, want wij doen enorm veel voor de promotie van dit bier, dat ik ondanks zijn bitterheid heel lekker vind. Het is een uitstekend product, dat hier in de streek door de trappisten wordt gebrouwen, wat niet niks is. Jammer genoeg werd het bier slachtoffer van zijn succes, waardoor er te weinig in de handel is. We gebruiken het voor diverse bereidingen, zoals kroketten met Orvalkaas, carbonades met Orval en zelfs een sabayon met Orvalbier…

 

Esprit Pays des Vallées

Onze klanten bestaan voor 80 procent uit Vlamingen”, gaat Dimitri verder, “die hier vooral tijdens het weekend en de schoolvakantie komen. Daarnaast hebben we veel gasten uit Brussel en Waals-Brabant, onder wie klanten van ons vroeger hotel-restaurant in Waterloo. Wij bieden ook ruimte voor bedrijfsseminars met ongeveer twintig deelnemers.

Maar wat zeker ook een aantal klanten aantrekt, is het “Esprit Pays des Vallées”-label dat sinds 2006 door het Economisch Bureau van de Provincie Namen aan een twintigtal charmante en karaktervolle logementen werd toegekend. Het label wil vooral verscheidene hotels, gastenkamers en slaapgelegenheden promoten, die inzetten op duurzame ontwikkeling en die een handvest voor de kwaliteit van hun dienstverlening hebben ondertekend.

 

 

INLICHTINGEN
Hostellerie *** Le Charme de la Semois
Rue de Liboichant, 12
B-5550 Alle-sur-Semois
+32 (0)61 50 80 70

 


 

NIET TE MISSEN

“We hebben in de buurt zopas een aantal huisjes aan de oever van de Semois gekocht en, als alles goed gaat, zullen we in juli 2016 acht suites openen”, besluit Dimitri enthousiast. En dat komt goed uit, want in de zomer is het hotel dikwijls volgeboekt. Er zijn immers meer dan genoeg toeristische trekpleisters in de nabije omgeving: het verkennen van de Semois, met onder andere uitstappen per Segway (die elektrische voertuigen waarop men zich rechtstaande voortbeweegt) op de oevers van de rivier, met een verrassingsdegustatie van streekproducten, het bezoek aan een oude leisteengroeve, het dierenpark van Rochehaut, “Semois Aventure” en natuurlijk jacht en visvangst, kajakvaren en karting. Vervelen is gewoon onmogelijk!

 

Your opinion counts