Vijfendertig jaar geleden werd de vallei van het ‘Eau d’Heure’ onder water gezet om meren te maken en het peil van de Samber te regelen.
Nu trekt de site een miljoen bezoekers per jaar en is hij de eerste toeristische bestemming in Wallonië.
En de activiteiten worden er steeds diverser, zoals blijkt uit het ‘Bike Park’ dat deze lente zal worden ingehuldigd.
Het Aquacenter in 2015, het Bike Park in 2016… Velen dachten dat de ‘Lacs de l’Eau d’Heure’ in 2010 een kaap hadden bereikt, toen de site tot ‘European Destination of Excellence’ werd uitgeroepen Maar sindsdien bleef deze site steeds meer particuliere investeerders aantrekken en zijn activiteiten-assortiment voor de toeristen uitbreiden. Dat gebeurt natuurlijk tot groot genoegen van Vincent Lemercinier, de directeur van de VZW ‘Les Lacs de l’Eau d’Heure’.
Wat waren de voornaamste stadia van deze nieuwe groeifase?
Vincent Lemercinier — Die begon in 2012 met het wouddorp, het ‘Natura Parc’, waarvan de exploitatie werd toevertrouwd aan ‘Alsace Aventure’. In de zomer van 2015 hebben we de herkwalificatie voltooid van het ‘Aquacentre’, dat van het einde van de jaren 1990 dateerde en dat een renovatie nodig had om te voldoen aan de nieuwe verwachtingen van het publiek en om de energieuitgaven ervan te verminderen. Het werd aangevuld met een nieuwe investering, namelijk het welness– en balneotherapiecentrum. Verleden jaar werd ons sportaanbod ook aangevuld met een polyvalente hal, waarvan het beheer werd toevertrouwd aan het Bloso. In de lente gaan we ten slotte het Bike Park inwijden, dat het uitstalraam van de ‘Lacs’ zal zijn voor alle takken van de wielersport. Andere projecten zijn in hun eindfase: het ruitercentrum, de golfbaan met 9 holes en de golfacademie, het seminarcenter…
En de financiering?
V.L. — Al die investeringen waren mogelijk dankzij een Europees budget van € 9.200.000. Aangezien dat programma ten einde liep op 31 december 2015, hebben de Waalse overheidsfinancieringen de fakkel overgenomen voor de afwerking van de projecten, meer bepaald voor het ruitercentrum, het ‘Aquacentre’, het Bike Park en de golf. De polyvalente sportzaal kon voor de binneninrichting profiteren van de financiële steun van de Federatie Wallonië-Brussel. Het seminarcenter zal worden verwezenlijkt via een publiek-private samenwerking met de groep Lamy, die op dezelfde site instaat voor de bouw van een hotel, dat volgend seizoen in bedrijf zou moeten worden genomen.
Er komen meer en meer privé-investeerders. Wat trekt hen aan in de ‘Lacs de l’Eau d’Heure’?
V.L. — Ze kregen geleidelijk aan vertrouwen dankzij de diversiteit en het niveau van de overheidsinvesteringen, die precies mikten op de ontwikkeling van de basisinfrastructuur om de site klaar te maken voor investeerders uit de privésector. En dat is gelukt, want wanneer men vandaag kijkt naar het totaal van de investeringen die sinds 15 jaar werden gedaan, ziet men dat de overheid € 40.000.000 investeerde en de particuliere sector bijna € 200.000.000. Dat is bijna vijfmaal meer! Die privé-investeringen gingen natuurlijk naar de attracties, zoals de Rode Krokodil, de Aqua-Golf, de Laser Games, het Spin Cablepark (de waterteleski), het Ontspanningscentrum van Falemprise en de Espace Fun (kajak, paddle en surfplank), maar ook naar het logement. Het is trouwens sinds de opening van het eerste vakantiedorp, in 2003, dat de publiek-private samenwerking zich heeft vermenigvuldigd. Om dergelijke dorpen te kunnen bouwen, moesten we door het ontwikkelen van onze activiteiten niet alleen de nodige investeerders aantrekken, maar ook de gebruikers. En om dat dubbele doel te bereiken, moesten we niet alleen ons aanbod stofferen, maar het ook stroomlijnen over het hele seizoen, met inbegrip van het laagseizoen, zoals we dat namelijk hebben gedaan met de wellness en met het seminarcentrum.
Wie een villa koopt aan de ‘Lacs de l’Heure’ is verplicht die te verhuren. Mag hij er niet zelf in wonen?
V.L. — Om logies te kunnen aanbieden aan de toeristen, moeten we vermijden dat er permanente bewoning ontstaat op de site. Daarom bepaalt de aankoopakte dat de koper de blote eigendom van zijn villa behoudt, maar het vruchtgebruik ervan afstaat aan een werkmaatschappij die de villa voor zo veel mogelijk nachten moet verhuren. De in die dorpen gekochte eigendommen worden dus opgenomen in een toeristisch verhuursysteem. Natuurlijk heeft de eigenaar het recht zijn huis te bewonen tijdens een welbepaalde periode.
Hoe ver staat het vandaag met het logiesaanbod?
V.L. — Het Landal Village met zijn 231 huizen, die plaats bieden aan 4 tot 10 personen, wordt al sinds vele jaren verhuurd. Het Golden Lakes Village, dat door de groep Lamy (Nessonvaux) wordt gefinancierd, gebouwd en beheerd, heeft een oppervlakte van 20 ha en is bijna halfweg, aangezien er iets meer dan 100 van de 200 geplande villa’s ter beschikking van de toeristen zijn gesteld. Om het aanbod te diversifiëren en een ander cliënteel aan te trekken, is dezelfde groep, zoals ik reeds zei, een hotelresidentie met 92 appartementen aan het bouwen, dat zal worden gekoppeld aan het seminarcentrum. De firma Forest Lodge uit Nijvel biedt aan de ‘Clairière du Lac’ ook 84 chalets aan als lichte vrijetijdswoningen, terwijl residentie ‘Les Joséphines’ sinds een tiental jaar 60 appartementen aanbiedt. Daarbij komt nog het groepslogies in het Bloso-centrum ‘Le Cierneau’ en in de Sleepin’Spin (waterteleski). Op termijn willen we op de site in totaal 5000 tot 6000 bedden aanbieden. Dat zal van de ‘Lacs de l’Eau d’Heure’ een toeristisch centrum van internationaal formaat maken.
Kan men zeggen dat het verblijfstoerisme dankzij die meer en meer gediversifieerde overnachtingsformules nu belangrijker is geworden dan het eendagstoerisme?
V.L. — De site ontvangt een miljoen bezoekers per jaar. De eendagstoeristen, die binnen een straal van een zeventigtal kilometer rond de meren wonen, zijn nog lichtjes in de meerderheid. Maar het verblijfstoerisme evolueert voortdurend met de diversiteit van het aanbod. In 2014 telden we bijvoorbeeld 200.000 overnachtingen. Die bezoekers komen vooral uit Nederland, dan uit Vlaanderen, Duitsland, Frankrijk en Brussel. Er zijn minder Walen bij, wat logisch is, aangezien die dichterbij wonen, hoewel ze toch steeds meer verblijfstoeristen worden tijdens de weekends.
Wat zijn uw de populairste activiteiten?
V.L. — In termen van aantrekkelijkheid zijn het de activiteiten in volle natuur, dat wil zeggen de uitstappen te voet en per fiets, alsook het acrobatisch woudparcours Natura Parc, die op kop staan, gevolgd door de wateractiviteiten. Aangezien onze meren de grootste gesloten waterpartijen van België zijn, trekken ze zowel zeilers aan, als surfers, kajakkers, jetskiërs en waterskiërs. Op de oevers zijn trouwens niet minder dan vijf watersportclubs gevestigd. En vergeten we ook niet de Espace Fun en het Blosocentrum van Cierneau, dat aan de zeilsport is gewijd.
MILIEUBEHEER
De ‘Lacs de l’Eau d’Heure’ zijn de natuur erkentelijk omdat die de bron is van hun aantrekkingskracht. Bijgevolg wordt er bijzonder veel aandacht besteed aan het beheer van de site. Zo moet dat beheer alle milieuaspecten omvatten, zoals ruimtelijke ordening, het in stand houden van de kwaliteit van het water, het beleid inzake afvalbeheer, het beschermen van de natuur, de strijd tegen het binnendringen van vreemde soorten, het energiebeleid, het milieuvriendelijk vervoer, de codexen van goede milieupraktijken en de milieulabels.
DE SITE IN ENKELE DATA
1974 — Bouw van de stuwdammen
1981 — Vullen van de meren
1994 — Project voor het verwezenlijken van een toeristisch centrum
2000 — Opening van het ‘Aquacentre’
2003 — Ontstaan van het verblijfstoerisme
2012 — Opening van het Natura Parc
2016 — Inhuldiging van het Bike Park
DE SITE IN ENKELE CIJFERS
De 5 meren strekken zich uit over 1800 ha (600 ha water, 600 ha bossen, 600 ha weiland). Langs de 70 km lange waterkant worden een dertigtal activiteiten aangeboden (ontspanning en natuur, water, gezin, motor en 350 km bewegwijzerde wandelpaden).
Het jaarlijks aantal bezoekers wordt geraamd op één miljoen, waarvan 135.000 voor het Aquacenter. In 2014 waren er 200.000 overnachtingen, 45 % uit België en 50 % uit Nederland. Op de site werden al 400 vakantiehuisjes gekocht door privé-eigenaars. Men voorziet ook 90 hotelkamers.
Sinds 2010 bedragen de Europese investeringen € 9.200.000. Tegenover € 1 die geïnvesteerd werd door de overheid, staat € 4,60 van privépartners.
300 indirecte arbeidsplaatsen